06 jun 2018
juni 6, 2018

Kraamtranen

0 reacties

Dag 4 na de bevalling, de dag van de kraamtranen. Daar lig ik dan naast mijn dochter. Ik kijk vol ontroering naar haar. Nog zo klein en ze ziet een klein beetje geel, maar ze is perfect. Ze ligt heerlijk tevreden in haar wiegje. Onze zoon wordt van school gehaald door oma, zodat mijn man en ik kunnen rusten. Ik sluit net mijn ogen als de deur van de slaapkamer opengaat. Daar staat Sam met tranen in zijn ogen. Hij vertelt ons dat hij 5 keer heeft gespuugd op het schoolplein. Ik zie de schrik in zijn ogen en de behoefte aan moederlijke warmte en aandacht. Natuurlijk wil ik het liefste uit bed springen om hem te knuffelen en gerust te stellen, maar mijn beurse lichaam laat mij in de steek. Daarnaast voel ik de angst om als nog wat zwakke kraamvrouw aangestoken te worden door mijn zieke kind. Mijn man neemt deze taak over en ze vertrekken samen naar beneden. Ik voel me enorm schuldig. Een moeder hoort er te zijn voor haar zieke kind. Dat kusje op zijn voorhoofd, dat appeltje raspen voor de extra vitamine (lees extra aandacht). De beloofde kraamtranen zijn nu een feit. Ik huil tranen met tuiten. Op dat moment wordt mijn kleine meisje, dat net nog in een diepe slaap was, wakker. Alsof ze mijn verdriet aanvoelt, begint ze voor het eerst echt te huilen. En ik huil nog harder mee. Oh nee toch, ook dit kind spiegelt mijn gedrag en emotie! Ik kan niet eens meer verdrietig zijn of mijn kinderen hebben er last van, denk ik bij mijzelf. Waarom moet mijn zoon uitgerekend nu ziek worden. Maar uiteraard weet ik het antwoord op deze vraag. Alle spanning van de afgelopen dagen komt eruit. Dat wat voor hem onverteerbaar is, wordt uitgespuugd en dat is maar goed ook. En dat ik nu zo hard huil, is ook maar goed. Ik huil tot de laatste traan op is en voel me tien kilo lichter. Diezelfde avond is Sam weer opgeknapt. Als hij naar bed gaat, kruip ik met veel pijn en moeite even naast hem. ‘Het is wennen he lieverd, zo’n zusje in huis. Mama die veel in bed ligt en nu weinig aandacht voor jou heeft’. Hij knikt, maar kijkt mij niet aan. Zie ik bij hem nu ook een schuldgevoel? Ik vertel hem dat ik dit goed begrijp en dat het ok is. Dat ook ik moet wennen en het mis om lekker met hem te spelen. Dat ik waarschijnlijk heel snel weer ben opgeknapt en vaker uit bed kom. Maar als hij zich verdrietig of boos voelt, omdat alles nu anders is, hij dit altijd mag vertellen. En wat hij ook voelt, ik altijd van hem houd. Ik heb geen idee of ik in mijn labiele toestand de juiste woorden heb uitgesproken, maar hij lijkt enigszins opgelucht en geeft mij een knuffel. Kennelijk heb ik het wel uitgestraald. Als ik weer terug loop naar mijn eigen bed en naar mijn dochter in haar wieg kijk, weet ik waar alle vriendinnen met twee kinderen over spraken. Het schuldgevoel en het eeuwige zoeken naar balans als het gaat om de aandacht verdeling tussen de kinderen. Het gevoel steeds een beetje tekort te schieten. Wat kennelijk al begint op dag 4! Ik besluit het schuldgevoel te accepteren en er het beste van te maken als moeder van twee. Morgen is het dag 5 en de kraamhulp heeft gezegd dat alles er dan een stuk rooskleuriger uitziet! En godzijdank heb ik een zeer wijze en kundige kraamhulp 😉
Bedankt Ineke Kok voor de beste zorg die een kraamvrouw zich maar kan wensen!
Rebecca de Jong
Reageer